Paludine en de 4×4 tour

Na van een fantastisch uitzicht te hebben genoten reizen we met de taxi weer terug naar de haven, alwaar we onze opwachting maken bij het kleine reserveringshuisje van het 30 voet tellende zeilschipje Paludine. Na een paar minuten worden we opgehaald door de kapitein, die sprekend op de jongedame lijkt in het huisje, maar dan in mannelijke vorm. De bemanning (drie in totaal) is super aardig en super behulpzaam. Al snel zit ik met het roer in mij hand en varen we het Beagle Channel op. Ik waag het er op en vraag of dat zijn zus was in het huisje. Hulpje Juan kijkt even bedenkelijk maar vertaalt dan toch maar naar het Spaans. De vraag blijkt op het randje, het is zijn vriendin. Hmmm, waarom zou die zonnebril die zij gisteren ophad anders in de boot liggen?

We hebben bewust gekozen voor een klein gezelschap, we zijn met 7 gasten in totaal. Misschien betalen we wat meer, maar de tourbus zit nog in het geheugen. Helaas waait het niet superhard en moeten we veel op de motor doen. Maar áls de wind een beetje aantrekt worden de zeilen gehezen en toch een poging gewaagd. Zo doen we toch nog drie of vier stukjes zeilend. De twee fransen die mee zijn zitten voor het eerst op een zeilschip. Het is aandoenlijk om te zien dat er een lichte angst in hun ogen verschijnt en ze de reling grijpen als het bootje lekker scheef begint te gaan als de wind aantrekt en de kapitein de grootschoot nog eens strak zet. En wat hadden ze het koud… Wij genieten op en top van deze stukjes!

Onderweg zien we een kolonie ‘special Argentinan birds’, een soort pinguins die kunnen vliegen. Ze hebben een eiland bezet waar het benedenwinds enorm meurt naar tot witte drek verwerkte visjes. Ze zijn gemakkelijk te verwarren met de pinguins, mede door hetzelfde loopje. Overigens zitten die pinguins 80 km verderop, dus op één verdwaald exemplaar na krijgen we die niet te zien.

In de verte nadert de beloofde vuurtoren. Op het toeristenkaartje lijkt het ding enorm, dus enige teleurstelling is ons deel als we dichterbij komen. Maar, trots als de Argentijnen zijn, vertelt de gids dat hij 14 km ver kan schijnen. Na de toren te hebben gerond varen we langs een kolonie zeeleeuwen welke aperelaxed op een rots ligt. Het water is helder, puur blauw en ziet er koud uit.Onze vriend aan het roer doet enorm zijn best om elk zuchtje wind zeilend af te leggen. De beloofde snack blijken een paar droge koekjes te zijn, maar de koffie is goed en de ervaring een om te onthouden. Na een mooie tocht meert het zwart met oranje scheepje weer aan in de haven van Ushuaia. We krijgen beiden een vette hug en beloven zijn Facebook pagina te liken (

).Donderdag, de één na laatste dag, hebben we een 4×4 tocht geboekt. Stipt om 9:20 staat Gustavo bij het hotel. Hij spreekt gelukkig goed Engels, wat de tocht ten goede komt. Hij heeft een grappige humor en doet wederom erg zijn best om er iets moois van te maken. We rijden over Ruta 3 weer terug richting de ‘hidden lake’, alleen nemen we na een kilometer of 30 de offroad weg. We hobbelen en stuiteren door het bos, rijden door modder, water en gravel. Ik vraag hem waarom er zoveel dode bomen staan. Gustavo legt uit dat dat door de non native bevers komt die, na import voor hun vacht, een mutatie hebben doorgaan waardoor hun vacht niet meer bruikbaar is. Zonder natuurlijke vijanden knagen de beesten lekker weg. Eigenlijk moeten ze gewoon worden afgeschoten maar uiteraard zijn er diervriendelijke groeperingen die daar anders over denken. De destructie is zichtbaar en we zijn benieuwd hoeveel bos er over 25 jaar over is. In de 4×4 zitten ook de goedlachse Australiers Rodney en Hazel die op een 2.5 maanden lange trip zijn. Achterin hobbelt nog een jong gassie uit Estland mee. Uiteindelijk komen we aan bij de plek waar we gaan barbequeen. Er lopen heel bijdehand een paar grijze vossen rond op zoek naar eten.

Gustavo en zijn maatje Alexandro maken het vlees terwijl wij binnen aan de wijn gaan. Hier ontmoeten we ook de mensen uit de andere 4×4 en wisselen ervaringen over de Perito Moreno gletsjer uit. Een halve koe wordt op zeker moment binnen gebracht en we vallen aan. Ik eet zes stukken om het karige ontbijt een beetje te compenseren, geniet van Hannah die de boel vermaakt en van de plek waar we zijn. Dit is een mooie afsluiter van een fantastische reis.

Er is geen stress bij de mannen. Dat is prettig en als iedereen voldaan is klimmen we weer in de auto’s en racen terug. Gustavo vertelt honderduit over zijn dochter en zijn baan in de winter: ski-trainer (geen leraar en ‘I hate snowboarding’) Dat is hier dus heel gewoon, een baan voor in de zomer (zeilboot/4×4) en de winter (ober in een restaurant/ski)

Ik vraag hem nog over de huisjes langs de weg. Hij vertelt over de ‘san’, de heiligen maar zegt ook dat hij daar niet in gelooft. Hij gelooft in werken, zijn telefoon en de auto waar we in rijden (I love this car! roept hij) We sluiten de dag af met een Budweiser biertje in de Irish pub en een goed ijsje bij de ijsboer. Dulce de leche, biscotti, almandano, vainilla, tiramisu, chocolate blanco en noem maar op. We hebben de wifi van het hotel misbruikt om wat films te downloaden. Deze kijken we onder het genot van chips en cola en vallen tevreden in slaap.

De volgende dag ontsnappen we vroeg de vieze lucht in het hotel en scheuren naar luchthaven Ushuaia. We beschouwen het nachtje Buenos Aires maar als de laatste activiteit voor we definitief terugvliegen. Via Rome zullen we na 43 uur weer in Amsterdam landen.