De foto’s bij deze post staan hier: https://sidecar-adventures.com/rl_gallery/shack-up-inn/
Na een korte rit, waarin we heel even schrikken van een aan ons gerichte sirene van een agent in burger (die wij liefkozend ‘ratten’ noemen) omdat we hem rechts dreigden in te halen, komen we aan bij de ‘Shack Up Inn’ in Clarksdale. Het is bijna niet te beschrijven zonder foto’s dus die komen zsm.
Hannah heeft wederom een ‘accessible’ room weten te scoren, wat deze keer bestaat uit een opritje naar binnen en een klapbankje in de douche. Voor het afritje naar de veranda aan de achterkant nemen we de platen die we op de camping ook gebruiken. Ik kan overal weer bij.
De plek is fenomenaal. Het bestaat uit een kroeg met podium, helemaal gevuld met posters, aanplakbiljetten, verkeersborden, signs, schedels, een vliegtuig, auto-onderdelen, been-lamp en whatever er maar in de afgelopen tijd door de eigenaar is opgescharreld. Er is een receptie met kleine gitaarwinkel en koud bier op de tap. Eigenlijk mogen er hier ‘geen kinderen komen’ maar dat gedlt voornamelijk voor families die met enorme hordes tegelijk komen en ze dan op het terrein laten rondscharrelen. Er ligt te veel oud verroest ijzer om je aan te bezeren en tegelijk te veel mooie spullen om stuk te maken, zoals die gele opgeknapte (50-ies?) Chevrolet pickup waar wij vanaf de veranda op uitkijken. Wij hebben een klein beetje geluk want de kleinkinderen van de eigenaar zijn er ook als wij er zijn. Levi is iets ouder dan Sal en samen met zijn oudere broertje nemen ze hem een beetje op sleeptouw. Al snel spelen ze nota bene IN de gele pickup, wat opa helemaal ok vindt. Hij heeft ze zelfs opgeknapt voor zijn kleinkinderen, dus alles wat stuk gaat is hun eigen schuld.
Als we een beetje bekomen zijn van al dit moois rijden we richting de Walmart en het diner van die avond. We vinden een best wel leuke plek met aardige mensen en als ‘maitre’ de dude die ik nog uit de Walmart zag lopen; dunne benen, dikke buik, sandalen met sokken, vlassig baardje en een snorretje, plus een lekker Hawaii shirt om het af te maken. Het eten is lekker maar wederom ontzettend veel. We slapen die avond met zijn drie-en in het kleine bedje, wat we wel gewend zijn van het slapen in de auto.
De volgende ochtend doen we rustig aan, laten Sal lekker spelen met de andere jochies en gaan pas later in de middag op zoek naar onze twee doelen van die dag. Als eerste zoeken we de ‘crossroads’. Naar verluidt heeft de muzikant Robert Johnson hier zijn ziel aan de duivel verkocht in ruil voor zijn talent om muziek te maken. Een erg goede deal bleek dit niet te zijn; hij werd succesvol maar leefde niet lang. Maar liefst drie begraafplaatsen claimen dat hij daar begraven ligt⦠De crossroads wordt gemarkeerd met een gitaar en de nummers van de twee highway’s die de kruising maken: 49 en 61.
Na de crossroads gaan we door naar het Delta Blues Museum, ook in Clarksdale. Het is een fantastische plek waar we hartelijk worden ontvangen door een dame die eerst eens even lekker gezellig een praatje gaat maken. Onze eigen rockstar slaapt dus kunnen we heerlijk op ons gemak door het kleine maar superleuke museum heen. Veel bekende en minder bekende artiesten (veelal mannen zoals John Lee Hooker, BB King en Robert Johnson) hebben hun stempel op de blues gedrukt in de 50-ies en 60-ies en hebben hier een van hun gitaren gedoneerd. Het museum zelf is opgezet rond de erven van Muddy waters. Er is zelfs ook een gitaar (MuddyWood) gemaakt uit het hout van zijn huis, dat ooit is verwoest. Billy Gibbons van ZZ Top nam een blok hout mee en gaf Gibson de opdracht er een gitaar van te maken ter ere van hem. Ik vind het een fantastisch apparaat in al zijn lelijkheid. Na het museum eten we en slenteren wat rond. We komen een grappige ‘walk of fame’ tegen op straat en houden even halt bij ‘Ground Zero’, het cafe dat naar verluidt eigendom is van Morgan Freeman. Het is allemaal een beetje dodgy op straat, veel leegstand en verval maar toch proberen de Clarksdalers er wat van te maken. Het dorpje heeft erg leuke kanten en echt de moeite waard om naar toe te gaan.
Helaas, helaas, moeten we de volgende dag uitchecken. ‘Oh ja, Billy Gibbons (ZZ Top) heeft hier wel eens gespeeld op het podium en Seasick Steve ook’, vertelt de eigenaar. Niet echt mijn helden maar toch wel erg cool dat die mannen hier hebben gestaan. New Orleans here wye come!